Het moment

Martigny - 20 juli 2009

Rustdag in de Tour de France, een dag na de raid van Alberto Contador op Verbier. Een raid waarbij El Pistolero de puntjes op de i plaatste, en liet zien dat hij, en niemand anders, de beste wielrenner ter wereld is voor het grote rondewerk. Als Andy Schleck de volgende jaren niet nog iets beter wordt in het tijdrijden, zijn we vertrokken voor enkele jaren voorspelbaar meesterschap in de Tour. Tenzij Bradley Wiggins nog meer zou verrassen dan hij nu al doet. Maar daarover vandaag alle analyses uitgebreid in de Vlaamse en internationale pers.

Intussen zijn er ook nog 9 Belgen in deze Ronde aanwezig. Jurgen Van De Walle moest er als grootste pechvogel al de tweede rit uit, en Tom Boonen vond blijkbaar nooit echt zijn draai in deze Ronde, ongetwijfeld ook omdat het virus dat eergisteren genadeloos toesloeg al wat door zijn lijf zat te zwalpen. Vooral Jurgen Van den Broeck en Maxime Monfort rijden een sterke Tour. Zonder die val en het zadelincident in de ploegentijdrit staat Van den Broeck beter dan Evans in het klassement. En ook Vansummeren en Willems lieten zich al eens opmerken. De rest rijdt onopvallend mee. Zoals de meeste landgenoten, de laatste dertig jaar.

En toch, toch rijden er Belgen rond die zouden kunnen wat vele Fransen doen. Waarom verschijnen in juli de Fedrigo’s en Voecklers van deze wereld steeds opnieuw in beeld, rijden ze een opvallende Tour, winnen ze ritten, zijn ze mee in de ontsnapping van de dag? Die ene ontsnapping die Devolder en Van Avermaet steeds op een haar na missen. Motivatie, waarschijnlijk. Het besef ook dat de Tour in wezen belangrijker is dan de Ronde van Vlaanderen of Parijs-Roubaix. En, niet in het minst van al: mogen koersen. Rijden in ploegen waar je niet geselecteerd wordt om Cavendish in de laatste rechte lijn te brengen, of Evans tot de laatste col.

Veel Belgische wielrenners zijn minstens zo goed als Feillu of Casar. Maar eerst moeten ze al thuisblijven tot ze bijna dertig zijn. En dan mogen ze hun eigen wedstrijd niet rijden. En zo leren ze het nooit echt, iets van betekenis uithalen in een grote ronde. Waar zit Jelle Vanendert nu, en Dominique Cornu? Waarom zitten Kevin Seeldrayers en Kevin De Weerdt niet in deze Tour? Wie hield Roy Sentjens en Jurgen Roelandts thuis? Hoe lang zullen Jan Bakelants en Ben Hermans moeten wachten tot ze aan het grootste circus in de wielrennerij mogen deelnemen?

Misschien kunnen Belgen die zich wat liever toeleggen op rondewerk, dan op die twee weken in april, beter andere horizonten opzoeken. Een plekje zoeken bij Bbox-Bouyges of bij Française des Jeux. Wie weet zelfs bij Euskaltel-Euskadi. Weet dat zowat de eerste profwedstrijd die de jonge Lucien Van Impe ooit reed, de Ronde van Frankrijk was (en dan nog die vooroorlogse van 1969). Neo-prof Eric Vanderaerden won op zijn 21ste de Tourproloog. Laurent Fignon was amper 22 toen hij voor het eerst de Ronde won. En tweedejaarsprof Jan Ullrich stond als 23-jarige op het podium in Parijs.

Daarenboven mogen renners als Seeldraeyers en Vanendert ook al niet deelnemen aan de grote klassiekers. Zodat hun belangrijkste wedstrijden dingen als de Dauphiné Liberé of de Ronde van Zwitserland worden, wedstrijden die de groten rijden als voorbereiding. Vandaar deze oproep aan de Marc Sergeanten en Patrick Lefevres van deze wereld: stop volgend jaar uw tourploegen vol jonge Belgen die al eens graag een helling oprijden. En laat ze koersen als ze goesting hebben. Stuur Evans wandelen, en maak Van den Broeck kopman. En voor de ASO: nodig Topsport Vlaanderen eens uit! Wedden dat ik dan in 2010 tijdens de tweede rustdag een ander verhaal kan schrijven?

Reacties

© 2007 - 2011 Wielerblog 'Het Moment' door Luc Purnelle
© 2013 - Website by Erik Van Breugel
All rights reserved - powered by ExpressionEngine