Het moment

Hem - 10 april 1983

Er zijn van die beelden uit de koers die op mijn netvlies gebrand zijn. Die ik moeiteloos kan oproepen en zien, alsof ik er live zit naar te staren. Mario De Clercq die Erwin Vervecken in 1999 nog gaat bijhalen in het Wereldkampioenschap Veldrijden. Edwig Van Hooydonck die op het podiuem van De Ronde van Vlaanderen 1989 tranen met tuiten staat te janken. Tom Boonen die in 2005 in Madrid naar de wereldtitel spurt. En Hennie Kuiper die in Parijs-Roubaix 1983 op kop ligt, lek rijdt, en langs de kant van de weg met zijn wiel staat te zwaaien.

Een schitterend coureur, Hennie Kuiper. Won in 1972, toen alleen amateurs mochten meedoen, olympisch goud in München. Was meermaals Nederlands kampioen veldrijden. Werd in 1975 in Yvoir wereldkampioen op de weg. Was twee keer tweede in de Tour, won de Ronde van Vlaanderen en die van Lombardije. Reed vier keer top tien in de Ronde van Frankrijk en vier keer in de Vuelta. En stottert alsof hij constant ergens tussen het bos van Arenberg en het Carrefour de l’Arbre over kasseien aan het dokkeren is.

Het is een voorhistorische wedstrijd, Parijs-Roubaix. Een koers voor beren van mannen die als gebeiteld in hun zadel zitten en zo vooruit drammen over de kasseien die lukraak in de aarde gegooid zijn. Die kilo’s stof slikken of door de modder nauwelijks herkenbaar de wielerbaan van Roubaix opgereden komen. Vaak alleen, na een lange afvallingswedstrijd, waarbij concurrenten lek reden, moesten lossen en soms een stevige mep kregen van de man met de hamer.

Dat was ook in 1983 het geval. Kuiper had iedereen losgereden, en reed op zes kilometer van de wielerbaan alleen de laatste kasseistrook van Hem op. Een strookje van niks, amper een dikke kilometer lang, en een ware autostrade als je ze vergelijkt met Mons-en-Pévèle of de strook van het Carrefour de l’Arbre. Maar net daar rijdt Kuiper lek. Daarenboven laat zijn achterrem het afweten. Ik zie hem nog in de berm staan, paniek in de ogen, klappend in de handen, zwaaiend met zijn wiel.

Eerst probeert ploegleider Fred De Bruyne (zelf winnar in 1957) alleen het wiel te wisselen, maar hij krijgt dan toch door dat Hennie beter een nieuwe fiets krijgt. Waarmee hij alsnog Parijs-Roubaix aan zijn indrukwekkend palmares toevoegt. Na Kuiper won nog één Nederlander in Roubaix, trouwe soldaat Servais Knaven, die van de ploegtaktiek van zijn Domo-ploeg mocht profiteren en zo kopman Johan Museeuw voorafging. Naar mijn bescheiden mening wint er morgen geen noorderbuur. Hoste, Boonen, Backstedt, Cancellara of Flecha, daar zou ik wel wat geld op durven zetten. Als ze in Hem niet lek rijden, natuurlijk.

Reacties

  • 4 Belgen bij de eerste tien, 6 bij de eerste vijftien, en Tom Boonen op het hoogste schavotje. Parijs -Roubaix blijft die Vlaamse koers die in Frankrijk gereden wordt.

    Door Luc op 13 April 2008

© 2007 - 2011 Wielerblog 'Het Moment' door Luc Purnelle
© 2013 - Website by Erik Van Breugel
All rights reserved - powered by ExpressionEngine